9. Data management
9. Data management
Deze oefeningenreeks is beperkt, we raden iedereen aan om na deze oefeningen zeker ook de herhalingsoefeningen en het voorbeeldexamen te maken.
Rest API persistentie
Vertrek van onderstaande startbestanden waarin twee folders voorzien zijn, een REST API server en het uitgewerkte frontend project. Beide projecten moeten gestart worden in een terminal na de installatie van de dependencies met bun install. Vervolgens kunnen zowel de server als de frontend gestart worden met bun dev.
Startbestanden
De API server draait op poort 3000 en bevat volgende routes:
GET /books: Haal een lijst van boeken opPOST /books: Maak een boek aanPUT /books/:id: Werk een boek bijDELETE /books/:id: Verwijder een boek
GET /authors: Haal een lijst van auteurs opPOST /authors: Maak een auteur aanPUT /authors/:id: Werk een auteur bijDELETE /authors/:id: Verwijder een auteur
GET /series: Haal een lijst van series opPOST /series: Maak een serie aanPUT /series/:id: Werk een serie bijDELETE /series/:id: Verwijder een serie
Gebruik deze API server om in de frontend een RestAPIPersistenceProvider te implementeren en gebruikt deze provider vervolgens om de boeken, auteurs en series op te halen en aan te passen. De RestAPIPersistenceProvider moet een array van alle data cachen, zo kan je na een update, create of delete de notifyObservers functie aanroepen zonder alle data opnieuw op te halen van de server.
Als je alles correct geĂŻmplementeerd hebt, zou je via de RestAPIPersistenceProvider persistente data moeten terugkrijgen in de frontend, data die ook blijft bestaan na een refresh van de pagina.